zaterdag 16 april 2011

Moddervette beats in het ijle (Seefeel op 25.03.11 in de AB)

Aanbevolen track: Seefeel – Dead Guitars

Seefeel stond eind maart 2011 na jaren terug op een Belgisch podium. Deze Britse cultband schiep in de AB een nieuw beklemmend universum, maar de variatie en inkleding was te beperkt om het concert constant spannend te houden.


In de vroege jaren '90 debuteerde het Britse Seefeel met elektronische shoegaze. Ze evolueerden daarna naar meer abstractie en hun muziek werd obscuurder. 14 jaar werd het stil rond de band tot ze in 2008 hun instrumenten terug opnamen met een lichtjes andere samenstelling. De experimentele Japanners Shigeru Ishihara (een producer bekend onder de naam DJ Scotch Egg) en voormalige Boredomsdrummer Lida Kazihisa werden erbij gehaald en duwden Seefeel muzikaal nog meer in het duistere. Dit jaar pakte de groep uit met hun eerste langspeler sinds 15 jaar en kon België na heel lange tijd nog eens naar een vreemde Seefeelwereld worden gevoerd.


Nog voor er een noot werd gespeeld werd duidelijk dat twee uitersten tot een confrontatie zouden komen. De energieke bassist Ishihara kon zowel voor een metalhead als een harde hiphopper doorgaan (die staart en pet én muts!), terwijl de zangeres Sarah Peacock als wollige folkmuze volledige rust uitstraalde. Beats die als mokerslagen op je afkwamen werden af en toe vergezeld van sprookjesachtige soundscapes en dito stem. Dit sprookje had echter een zeer wrange nasmaak. Seefeel zocht geen wereld op met een happy end, maar eerder een industrieel verlaten landschap waar de ijskoningin Peacock af en toe de harde realiteit na een ramp probeerde te zalven. De beide Japanners zorgden zowel voor beukende hiphop beats, primitieve tribale ritmes als voor dikke dubstep basslijnen, terwijl de oude Seefeelleden Peacock en Mark Clifford deze bezwerende agressie aankleedden met filmische, zwevende soundscapes.


Ondanks de geweldig vette beats en de mooie etherische invulling miste Seefeel een opbouw in de songs die boeiend bleef van begin tot het einde. De variatie in zowel de beats als de inkleding was te beperkt. Het enthousiasme van het publiek bij de eerste harde tonen van een lied ebde dan ook elke keer halverwege weg vanwege de eentonigheid die regelmatig de overhand nam. De vertwijfeling om de zaal te verlaten groeide dan ook elke keer aan tot er eindelijk een wending in de muziek kwam die je terug kippenvel gaf. Zo werd de toeschouwer heen en weer geschud en bleef ik na een vet uur vertwijfeld achter met suizende oren.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten